Je aandacht bij een gesprek houden, een taak afwerken of even nadenken voordat je reageert: bij ADHD kunnen zulke dagelijkse dingen meer inspanning vragen.
Fotobiomodulatie wordt onderzocht als mogelijke ondersteuning voor aandacht en impulscontrole bij ADHD. De eerste gecontroleerde onderzoeken laten positieve resultaten zien. Wat vertellen die bevindingen ons? En hoe sluiten ze aan bij het onderzoek naar Vielight en cognitief functioneren?
Wat is ADHD?
ADHD staat voor Attention Deficit Hyperactivity Disorder. Het is een ontwikkelingsstoornis waarbij het regelen van aandacht, activiteit en impulsen moeilijker kan verlopen. De kenmerken beginnen in de kindertijd en kunnen ook op volwassen leeftijd aanwezig blijven.
ADHD kan zich op verschillende manieren uiten:
- Moeite met aandacht vasthouden. Je raakt snel afgeleid, verliest de draad van een gesprek of vindt het moeilijk om overzicht te houden en taken af te werken.
- Hyperactiviteit of onrust. Je beweegt veel, vindt stilzitten lastig of ervaart voortdurend drukte in je hoofd.
- Impulsiviteit. Je reageert voordat je hebt nagedacht, onderbreekt anderen of vindt het moeilijk om op je beurt te wachten.
Niet iedereen heeft al deze kenmerken even sterk. Bij sommige mensen staan aandachtsproblemen op de voorgrond. Deze vorm werd vroeger vaak ADD genoemd. Bij anderen vallen hyperactiviteit en impulsiviteit meer op.
ADHD zegt niets over intelligentie. Wel kan het studeren, werken, plannen en omgaan met anderen lastiger maken. Meer over ADHD bij de Hersenstichting.
Bij een taak spelen verschillende vaardigheden samen: relevante informatie kiezen, de aandacht vasthouden en een automatische reactie kunnen afremmen.
Wat laat onderzoek naar fotobiomodulatie bij ADHD zien?
Bij fotobiomodulatie wordt licht gebruikt om biologische processen in cellen te beïnvloeden. Wanneer het licht via het hoofd op het brein wordt gericht, spreken we van transcraniële fotobiomodulatie, afgekort tPBM.
Onderzoekers bekijken onder meer de invloed op de energievoorziening van hersencellen en de samenwerking tussen hersengebieden. Daarover lees je meer in Hoe werkt fotobiomodulatie in het brein? en Fotobiomodulatie en mitochondriën: energie voor je brein.
De twee onderstaande onderzoeken richten zich rechtstreeks op mensen met ADHD.
1. Bij volwassenen: aanwijzingen voor betere impulscontrole
Een onderzoek uit 2026 in BMC Psychiatry bestond uit twee experimenten met actieve lichtstimulatie en schijnstimulatie: een placebovergelijking.
In het eerste experiment deden 27 volwassenen mee die zelf aangaven ADHD te hebben. Tijdens een computertaak moesten ze bij bepaalde signalen op een knop drukken en bij andere juist niet. Na één korte sessie lichtstimulatie drukten ze minder vaak ten onrechte op de knop dan de placebogroep. Ze konden hun automatische reactie dus beter afremmen.
In een tweede experiment met 52 volwassenen met ADHD werd na lichtstimulatie meer zuurstofrijk bloed in het voorste deel van de hersenen gemeten. Tijdens een taak waarbij deelnemers informatie moesten onthouden en vergelijken, konden ze ook beter voorkomen dat ze op het verkeerde moment reageerden.
De studie geeft daarmee vooral een eerste aanwijzing voor ondersteuning van bepaalde aspecten van impulscontrole. Omdat de onderzoekers het effect van één sessie bekeken, weten we nog niet wat herhaald gebruik op langere termijn oplevert. Onderzoek van Salehpour en collega’s, 2026.
2. Bij kinderen: gunstige resultaten voor selectieve aandacht
Een tweede onderzoek richtte zich op selectieve aandacht: relevante informatie uitkiezen terwijl je afleiding op de achtergrond houdt.
Veertig kinderen met ADHD van zes tot twaalf jaar doorliepen zowel een actieve sessie als een placebosessie, in willekeurige volgorde. De onderzoekers combineerden een visuele zoektaak met hersenmetingen en oudervragenlijsten.
Na actieve lichtstimulatie reageerden de kinderen sneller tijdens de zoektaak. Ook veranderden hersensignalen die betrokken zijn bij het selecteren van relevante informatie. Bij de 35 kinderen met bruikbare oudervragenlijsten rapporteerden ouders in de daaropvolgende week minder aandachtsproblemen dan na de placebosessie. Voor hyperactiviteit en impulsiviteit was het verschil niet overtuigend.
Deze bevindingen zijn interessant omdat zowel taakprestaties als ouderrapportages over aandacht gunstig veranderden. Ook hier moet vervolgonderzoek uitwijzen hoe duurzaam de resultaten zijn. Onderzoek van Zhao en collega’s, 2025 — preprint.
Wat maakt het onderzoek naar Vielight relevant voor concentratie?
Concentratie maakt deel uit van ons cognitief functioneren: de manier waarop we informatie opnemen, verwerken en gebruiken. Geheugen en aandacht zijn daarbij verschillende vaardigheden, die in het dagelijks leven vaak samen nodig zijn. Om een uitleg te volgen, moet je bijvoorbeeld opletten én onthouden wat net is gezegd.
In onze kennisbank bespreken we onderzoek met Vielight naar cognitieve prestaties en hersennetwerken. Twee onderzoekslijnen sluiten aan bij de vraag of ook concentratie ondersteund kan worden.
1. Hersennetwerken afstemmen op een taak
In een gecontroleerd onderzoek bij 24 gezonde volwassenen bekeken wetenschappers met MRI hoe de hersenen reageerden na actieve lichtstimulatie of schijnstimulatie met Vielight.
Tijdens een eenvoudige bewegingstaak veranderde de activiteit in verschillende hersengebieden. De onderzoekers brachten dit in verband met processen rond aandacht en het naar de achtergrond verschuiven van hersenactiviteit die vooral bij rust en naar binnen gerichte gedachten hoort.
Die interpretatie is relevant voor concentratie: wanneer je een taak uitvoert, moet je brein zijn activiteit daarop kunnen afstemmen. MRI-onderzoek van El Khoury en collega’s, 2019.
In Hoe werkt fotobiomodulatie in het brein? leggen we uitgebreider uit hoe onderzoekers deze veranderingen in hersennetwerken onderzoeken.
2. Verbeteringen in geheugen en algemeen cognitief functioneren
Een kleine gecontroleerde studie van de University of Toronto en St. Michael’s Hospital onderzocht twintig mensen met milde cognitieve achteruitgang. Zij gebruikten zes weken lang thuis een actief onderzoekstoestel met Vielight-technologie of een schijntoestel.
De groep met lichtstimulatie ging meer vooruit dan de placebogroep op een test van het algemene denkvermogen. De deelnemers herkenden ook beter welke woorden ze eerder hadden gezien. Hersenscans lieten bovendien zien dat de activiteit van verschillende hersengebieden binnen een geheugennetwerk meer synchroon verliep.
Dit laat zien waarom fotobiomodulatie ook vanuit cognitief functioneren wordt onderzocht. Klinische studie van Rashidi-Ranjbar en collega’s, 2026.
Meer over deze studie en de biologische processen erachter lees je in Fotobiomodulatie en mitochondriën: energie voor je brein.
Wat betekent dit voor mogelijke ondersteuning bij ADHD?
De ADHD-studies geven eerste aanwijzingen voor effecten van fotobiomodulatie op aandacht en impulscontrole. Het onderzoek met Vielight voegt daar bevindingen over hersennetwerken, geheugen en cognitief functioneren aan toe.
Samen vormen die resultaten een reden om te onderzoeken of Vielight ook de concentratie bij ADHD kan ondersteunen. Die specifieke toepassing is met de hier besproken Vielight-studies nog niet aangetoond. De stap van deze onderzoeksresultaten naar dagelijks functioneren bij ADHD blijft dus een onderzoeksvraag.
Wil je meer weten over de Neuro-toestellen en de combinatie van Alpha en Gamma? Bekijk de Vielight Neuro Duo.
Goed om te weten
Fotobiomodulatie wordt bij ADHD nog onderzocht en vervangt geen gebruikelijke ADHD-zorg.
BrainCoder verkoopt Vielight-toestellen. Dit artikel is onze Nederlandstalige uitleg van de aangehaalde onderzoeken.
Bronnen
- Hersenstichting – Wat is ADHD?
- Salehpour en collega’s (2026) – Fotobiomodulatie en impulscontrole bij volwassenen met ADHD
- Zhao en collega’s (2025) – Lichtstimulatie en selectieve aandacht bij kinderen met ADHD (preprint)
- El Khoury en collega’s (2019) – MRI-onderzoek naar hersenactiviteit bij gezonde volwassenen
- Rashidi-Ranjbar en collega’s (2026) – Vielight-technologie en milde cognitieve achteruitgang
